Rechtspraak rondom het faillissement. Deel 6: de afnemer

0
43

Rechtspraak rondom het faillissement. Deel 6: de afnemerACHTERGROND

In deze
‘reeks rondom het faillissement’ gaat Köster Advocaten dieper in op alle
aspecten van en rondom het faillissement (van een onderneming), worden
bijdragen aan iedere groep betrokkenen afzonderlijk doorgenomen en worden
er tips & tricks gegeven voor het ‘faillissements-proof’ maken van de
onderneming.

Deze maand gaat Köster Advocaten dieper in op de positie van de afnemer.
In deel 5

behandelde Köster de positie van de leverancier in een faillissement. Maar
wat als nu juist de leverancier (verkoper) failliet wordt verklaard? Wat
heeft dat voor gevolgen voor de afnemer? Voor de beantwoording van die
vraag wordt onderscheid gemaakt tussen de volgende drie situaties:

1.De afnemer heeft de goederen / diensten al betaald, maar nog niet
geleverd gekregen.

2. De goederen / diensten zijn al geleverd, maar nog niet betaald door de
afnemer.

3.De goederen / diensten zijn deels al geleverd en betaald, maar er moet
ook nog een gedeelte worden geleverd en betaald (overeenkomst is
gedeeltelijk nagekomen).

1. De afnemer heeft de goederen / diensten al betaald, maar nog niet
geleverd gekregen

Op het moment van faillietverklaring neemt de curator het roer over van
de failliete onderneming. De curator beslist als enige of bestelde en reeds
betaalde goederen of diensten nog worden geleverd. De afnemer dient zich in
deze situatie te melden bij de curator als schuldeiser en kan de curator
vragen of hij de overeenkomst na wil komen (“gestand wil doen”). De curator
is hier niet toe verplicht. Helaas komt het daarom vaak voor dat de
curator de overeenkomst niet gestand doet. De goederen zullen dan ook niet
meer worden geleverd. Uiteraard doet de curator dit wel als de goederen
zich al bij de gefailleerde onderneming bevonden op het moment van
faillietverklaring.

Om de reeds betaalde koopprijs terug te krijgen, in het geval dat de
goederen niet meer worden geleverd, dient de afnemer zich te melden bij de
curator en zijn vordering “ter verificatie” in te dienen. Dit kan onder
bepaalde voorwaarden ook een vordering tot vergoeding van schade zijn, die
de afnemer lijdt door de niet levering. Of de afnemer vervolgens
daadwerkelijk (een deel van) de betaalde koopprijs terugkrijgt en/of schade
vergoed krijgt, is afhankelijk van de hoeveelheid geld dat nog beschikbaar
is binnen de gefailleerde onderneming. De curator dient bij het betalen van
verschillende schuldeisers namelijk rekening te houden met de wettelijke
rangorde. Sommige schuldeisers (“preferente schuldeisers”, zoals het UWV en
de Belastingdienst) hebben voorrang op andere schuldeisers (“concurrente
schuldeisers”, zoals afnemers). Concurrente schuldeisers worden pas betaald
als alle vorderingen van de preferente schuldeisers zijn betaald. Als
afnemer heb je dus wel recht op terugbetaling van de koopprijs,
maar je staat achter in de rij. Helaas komt het geregeld voor dat er geen
geld meer over is voor de betaling van concurrente schuldeisers. De afnemer
blijft daarom vaak met lege handen achter.

Als de gefailleerde onderneming met behulp van de curator een doorstart
maakt, bestaat de mogelijkheid dat de nieuwe (doorstartende) partij alsnog
de goederen / diensten levert aan de afnemer die daar al voor heeft
betaald. Het is alleen geen vast gegeven dat dit ook gebeurt. Dit is
afhankelijk van de afspraken die hierover met de curator worden gemaakt.

2. De goederen / diensten zijn al geleverd, maar nog niet betaald door
de afnemer

Als een afnemer goederen of diensten heeft afgenomen van een failliete
onderneming, maar hier nog niet voor heeft betaald, is het verstandig in
het geval van een faillissement van de leverancier niet (alsnog) te
betalen. Het is beter om de ontwikkelingen af te wachten en de instructies
van de curator op te volgen.

Het is in zo’n situatie heel belangrijk goed op te letten aan wie c.q.
op welke rekening wordt betaald. De curator is in het geval van een
faillissement bevoegd de financiële beslissingen voor of namens de
gefailleerde onderneming te nemen en in beginsel dus ook bevoegd de
vordering op de afnemer te innen. Soms is dit anders, bijvoorbeeld wanneer
de vordering op de afnemer is “verpand” aan de bank. In dat geval mag de
bank incasseren, zodra de bank de verpanding van de vordering aan de
afnemer heeft medegedeeld.

Als je als afnemer vervolgens niet goed oplet en alsnog op het
bankrekeningnummer van de gefailleerde onderneming betaalt –omdat je dat
altijd gewend was te doen op basis van doorlopende facturen – kan er een
probleem ontstaan. Er is dan namelijk niet “bevrijdend betaald”, waardoor
je als afnemer door de bank gedwongen kunt worden nóg een keer te betalen.
De curator is namelijk niet verplicht het bedrag dat op de verkeerde
rekening is betaald terug te storten aan de afnemer. Tegen de curator is
namelijk geen beroep mogelijk op basis van onverschuldigde betaling (kort
gezegd: per ongeluk betaald) omdat er wel een “rechtsgrond” aanwezig was
voor deze betaling (namelijk de overeenkomst tussen de afnemer en de
failliete onderneming). Wel wordt een dergelijke betaling aan de
gefailleerde onderneming aangemerkt als een boedelvordering, omdat de
faillissementsboedel hiervan profiteert. Boedelvorderingen gaan in rang nog
vóór de preferente schuldeisers en worden dus bij de afwikkeling van het
faillissement als eerste betaald. Het is echter een omweg die je als
afnemer liever niet wilt nemen.

Bij twijfel op welke bankrekening de betaling dient plaats te vinden
geldt maar één advies: de betalingsverplichting opschorten en pas als
duidelijk is op welk bankrekeningnummer betaald moet worden, de betaling
verrichten. Zo voorkom je dat je als afnemer twee keer moet betalen.

3. De gefailleerde leverancier (verkoper) is de overeenkomst
gedeeltelijk nagekomen

Tot slot is het ook mogelijk dat de overeenkomst, bijvoorbeeld in het
geval van de levering van goederen, slechts gedeeltelijk is nagekomen door
de gefailleerde onderneming. Zoals gezegd heeft de curator zelfstandig de
keuze en mogelijkheid om een overeenkomst – voor het gedeelte dat nog moet
worden nagekomen (nog moet worden geleverd) – gestand te doen. Verklaart de
curator de overeenkomst niet gestand te willen doen, dan kan de curator ook
nakoming aan de kant van de afnemer (betaling) niet meer afdwingen. Dit
betekent niet dat de afnemer niet meer hoeft te betalen voor de goederen
die al wel zijn geleverd door de gefailleerde onderneming. Let daarbij dus
wel op aan wie en op welke bankrekening je die goederen betaalt.

De kans is aanwezig dat je als afnemer schade lijdt door de
gedeeltelijke uitvoering van de overeenkomst, bijvoorbeeld als je de
resterende goederen niet meer geleverd krijgt terwijl je die goederen ook
weer moest doorleveren aan jouw afnemers. Het is in dat geval mogelijk (en
verstandig) om de vordering die de curator heeft in verband met de reeds
geleverde goederen, met die schade te verrekenen (en dus minder of niets te
betalen voor de wel geleverde goederen). Deze verrekening is wel alleen
mogelijk als de goederen vóór de faillietverklaring zijn geleverd.

Garantiefondsen

Sommige bedrijven zijn aangesloten bij een garantiefonds. Een
garantiefonds is opgericht om afnemers te beschermen tegen het
faillissement van ondernemingen. Zij bieden een regeling voor de afnemer om
het geld terug te krijgen als de leverancier failliet gaat. In sommige
gevallen heeft de afnemer ook recht op terugbetaling van de koopsom als de
afnemer heeft betaald met een creditcard. Dit kun je nagaan bij je
creditcardmaatschappij.

Conclusie

In het algemeen geldt dat het het veiligst is pas te betalen voor
goederen / diensten nadat de goederen / diensten zijn geleverd. Dan ben je
er zeker van dat je geld niet weg is in het geval van een faillissement van
je leverancier. Indien er wel betaald is, maar de goederen / diensten zijn
nog niet geleverd, dan is het verstandig altijd de vordering in te dienen
ter verificatie bij de curator en een beroep te doen op een garantiefonds
en/of de creditcardmaatschappij.

Geschreven door Eva van Gerwen (specialist Insolventie,
Herstructurering en Ondernemingsrecht) en Nine Bennink (specialist
Intellectueel Eigendomsrecht en Procesrecht). Eva en Nine zijn advocaat bij
Köster Advocaten in Haarlem. Regelmatig behandelen zij hier actuele
kwesties.
kadv.nl

Beeld: Nik MacMillan, Unsplash

Bron: Fashion United